Iedereen rijdt er dagelijks langs: dit betekent het gele vlakje op het hectometerpaaltje

Geel vlakje hectometerpaaltje
(Foto: Facebook Rijkswaterstaat)

Je rijdt er dagelijks langs zonder erbij stil te staan, al zit dat groene hectometerpaaltje langs de snelweg vol met informatie. Vooral het kleine gele vlakje rechtsonder roept vragen op bij automobilisten. De zwarte letter daarin lijkt willekeurig gekozen, terwijl er juist een strak systeem achter schuilgaat.

Dat gele vlak staat niet op elk paaltje, want langs een kaarsrecht stuk snelweg ontbreekt het vrijwel altijd. Pas bij een oprit, afrit, knooppunt of parallelbaan verschijnt de letter op het bord. Rijkswaterstaat geeft daarmee elke afzonderlijke rijbaan een uniek adres langs de route.

Zonder die toevoeging zou een melding op een klaverblad nauwelijks bruikbaar zijn, omdat dezelfde kilometerwaarde daar op meerdere banen tegelijk voorkomt. Een ambulance belandt in dat geval zomaar op de verkeerde lus van het klaverblad. Kilometers omrijden kost in zo’n situatie kostbare minuten.

Officieel heet die letter een rijbaanletter, in vakjargon ook wel de DVK-letter genoemd. De reeks begint bij de a en loopt op drukke knooppunten flink verder in het alfabet door. Weinig weggebruikers weten trouwens dat er nog een tweede code op datzelfde paaltje verstopt zit.

Waarom hulpdiensten dit systeem nodig hebben

Achter die letters gaat de Beschrijvende Plaatsaanduiding Systematiek schuil, kortweg BPS, die Rijkswaterstaat vanaf 1990 stap voor stap invoerde. Politie, brandweer en ambulancediensten werken sindsdien met precies dezelfde codes in hun gezamenlijke meldkamersysteem. Sinds 2005 geldt de systematiek bovendien als landelijke richtlijn voor alle wegbeheerders en hulpdiensten in Nederland. Wegwerkzaamheden en meldingen vanuit de verkeerscentrale draaien eveneens op dit systeem.

Die tweede code vind je rechtsboven op het bord, waar de afkorting Li of Re staat. Beiden verwijzen naar de linker- of rechter rijbaan, gezien in de richting waarin de nummering oploopt. Vanuit Amsterdam gerekend rijd je doorgaans op de rechterbaan, dus staat er in dat geval Re. Op de tegenoverliggende rijbaan van diezelfde weg tref je logischerwijs Li aan.

Vroeger spraken hulpverleners nog over de noordbaan of de zuidbaan, wat regelmatig tot misverstanden leidde. Een weg als de A28 loopt immers grofweg van noord naar zuid, maar draait tussen Meppel en Hoogeveen bijna oost-west. Sinds de invoering van Li en Re is zulke verwarring uitgesloten. Elke rijbaan draagt daardoor een hectometerwaarde die nergens anders in het land terugkomt.

Tekst gaat verder onder de tabel.

📱 Op mobiel kun je de tabel horizontaal scrollen.

HectometerletterBeschrijvingRijrichting
aafritHoofdrijbaan rechts
btoeritHoofdrijbaan rechts
cafritHoofdrijbaan links
dtoeritHoofdrijbaan links
everbindingswegHoofdrijbaan rechts
fverbindingswegHoofdrijbaan links
gverbindingswegHoofdrijbaan rechts
hverbindingswegHoofdrijbaan links
jverbindingswegHoofdrijbaan rechts
kverbindingswegHoofdrijbaan links
m of moparallelbaanoplopend
nparallelbaanaflopend
pverzorgingsplaatsoplopend
qverzorgingsplaatsaflopend
rverbindingswegHoofdrijbaan rechts
sverbindingswegHoofdrijbaan links
tverbindingswegHoofdrijbaan rechts
uverbindingswegHoofdrijbaan links
vverbindingswegHoofdrijbaan rechts
wverbindingswegHoofdrijbaan links
xrangeerbaanoplopend
yrangeerbaanaflopend
zbijzondere situaties, wisselstrook

Wat je moet doorgeven bij pech

Krijg je autopech, geef dan alle gegevens van het dichtstbijzijnde paaltje door aan de wegenwacht of de meldkamer. Noem het wegnummer, de kilometeraanduiding, de letters Li of Re en uiteraard de letter in het gele vlak. Met die combinatie valt jouw positie tot op honderd meter nauwkeurig vast te stellen. Hulpverleners weten daardoor meteen welke oprit of verbindingsboog zij moeten nemen om bij je te komen.

De bordjes staan langs rijkswegen om de honderd meter en dragen sinds 2020 ook een veld met de geldende maximumsnelheid. Provincies mogen een eigen uitvoering kiezen, waardoor het beeld per regio behoorlijk verschilt. Enkele provincies schaften de paaltjes zelfs volledig af en brachten de kilometertelling aan op de reflectorpaaltjes. Waterschappen en gemeenten hanteren op hun beurt weer eigen varianten langs water en weg.

Volgende keer dat je stapvoets in de file staat, loont het dus om zo’n paaltje eens goed te bekijken. Wie het gele vlakje herkent, weet direct dat er een afrit, oprit of knooppunt in de buurt ligt. Bij pech of een aanrijding scheelt die kennis aan de telefoon zomaar een paar kostbare minuten. Zo blijkt het meest onopvallende bordje van Nederland stiekem ook een van de nuttigste.

Mis geen artikel meer

Volg ManMag ook op Facebook en Instagram